vrijdag 26 oktober 2012

Un día de literatura en Salamanca

Het is alweer een tijdje geleden dat mijn trouwe lezer iets van mij kon lezen. Dat komt vooral door het feit dat de weken hier voorbijvliegen (lessen, oefeningen voorbereiden,...) zonder dat er veel spannends gebeurt. Tot vandaag dus...

Vandaag was voor de student aan de Universidad de Salamanca een hoogdag (of toch bijna): deze voormiddag verwelkomde het departement Estudios portugueses y brasileños de Braziliaanse auteur João Almino, van onder meer het boekenkwartet O Quarteto de Brasília en Cidade Libre. Op aanraden van onze immer enthousiaste prof Portugees (het is een goede luisteroefening, en je treedt in contact met de cultuur die achter de Portugese taal zit) ging ik dus vol goede moed naar de Aula Magna, een zeer mooie aula, maar, het moet gezegd worden, met bijzonder oncomfortabele stoelen. Toen bleek dat er in het publiek een aantal mensen zaten die geen letter Portugees kenden, schakelde de schrijver vlot over naar het Spaans met een klein Portugees accent (tot zover dus de luisteroefening). Hij vertelde over hoe hij erop gekomen was om verhalen te schrijven met als achtergrond de hoofdstad Brasilia, en hoe hij zijn personages binnen die stad een plaats gaf. Ook had hij het over de wisselwerking tussen de Portugese en Braziliaanse literatuur, en hoe die wisselwerking in de loop der jaren is geëvolueerd. Zeer interessant, dat wel, maar spijtig dat hij niet in het Portugees praatte.

João Almino
Deze namiddag, na mijn les Klassieke mythologie (tussen haakjes, we zijn al voorbij de inleiding geraakt - het begon tijd te worden - en zijn nu aan de enorme collectie Griekse goden begonnen) was er een wandeling doorheen de stad in het thema van La Celestina (meer uitleg volgt), georganiseerd door het departement Literatura Española e Hispanoamericana. La Celestina is een toneelstuk van Fernando de Rojas uit 1499, en speelt zich af in Salamanca. Het is een verhaal à la Romeo & Julia, waarin La Celestina, een oude koppelaarster en beoefenaarster van de zwarte kunsten tussenkomt, tot ondergang van, nu ja, van iedereen. We trokken met een mooie groep door de straten van Salamanca, en op bepaalde plaatsen hielden we halt, en werden er delen van het theaterstuk nagespeeld door proffen Spaanse Letterkunde (het wordt moeilijk om sommige mensen nog au sérieux te nemen als ze voor de klas komen te staan). Hieronder een voorbeeldje van twee proffen Spaanse Letterkunde (één van Literatura Española del Siglo de Oro en de andere van Literatura Española V). Ik heb er geen idee van wie de jongen is die ook meespeelt.


Vanavond is er ook nog een opvoering van het toneelstuk (dat we à propos vorig jaar in Spaanse Letterkunde binnenstebuiten hebben gekeerd), maar helaas zijn de kaartjes uitverkocht, anders was uw reporter ter plaatse er zeker bij geweest. 

Dit weekend heb ik niet zoveel op mijn programma, buiten wat studeren en ervoor zorgen dat mijn kot weer wat op orde geraakt, want volgende woensdag heb ik het hoogste bezoek dat een mens zich kan indenken: mijn liefje komt, samen met mijn ouders en mijn jongste zus, langs! En u, als trouwe lezer, zal op de eerste rij zitten om daarvan verslag te ontvangen.

Hasta luego!

vrijdag 12 oktober 2012

De lessen

Door al mijn berichten over uitstapjes en toeristische escapades zou mijn trouwe lezer al wel eens durven vergeten dat ik hier ben om lessen te volgen. Vandaar, een verslagje van mijn lessen tot nu toe:
  • Sintaxis del español I: een supervriendelijke prof, die, hoewel hij bijzonder snel praat, alles zeer duidelijk uitlegt. Voorlopig zijn we nog bezig met herhaling (begrippen, algemene zaken), maar vanaf volgende week zou het menens worden. Ik kijk er al naar uit. 
  • Literatura española de los siglos XVIII y XIX: de naam van het vak spreekt wat voor zich, niet? Buiten de Spaanse literatuur in het bijzonder, bespreekt de prof ook algemene literaire en esthetische stromingen in heel Europa. Hoe zag het achttiende-eeuwse Europa eruit, en hoe werd dat gereflecteerd in de kunst/literatuur? Bijzonder interessant dus.
  • Introducción al Indoeuropeo: een inleiding tot de Indoeuropese taalkunde. In die les zit ik tussen allemaal Spaanse classici (die overigens zeer gastvrij zijn), en ook de prof is zeer vriendelijk. Ik ben blijkbaar de enige Erasmusser die zo gek is om dat vak te nemen. Wel een zeer interessant vak, hoewel de prof soms wat ratelt en het moeilijk maakt om deftig te noteren.
  • Narrativa Hispanoamericana del siglo XX: dit vak heeft een echte 'mompelprof'. Het is moeilijk om haar te begrijpen als je verder dan de derde rij zit, en ze geeft de hele tijd les op hetzelfde toontje. Ik moet dus niet meer zeggen dat dit vak één van de mindere is. De lesschema's zijn nogal onoverzichtelijk, en de les trouwens ook. Inhoudelijk wel interessant, maar het mocht met wat meer pit en wat meer structuur gebracht worden.
  • Segunda Lengua I: Portugués: een jonge prof die met veel enthousiasme de klas probeert warm te maken om een nieuwe taal te leren (met gemengd succes). Hij dompelt ons onder in verschillende aspecten van de Portugese cultuur (muziek, literatuur). In het begin ging het nogal traag vooruit (hij hield ons vooral bezig met gedichten, lessen over fado, het belang van een nieuwe taal te leren,...) maar nu lijkt hij echt uit de startblokken te zijn geschoten: werkwoordsvervoegingen, vocabulaire-oefeningen, noem maar op. En ik moet zeggen: gosto muito do português!
  • Mitología Clásica: Een zeer interessant vak gegeven door een typische mythologie-prof: een vrouw die zeer enthousiast staat te vertellen over de Oudgriekse mythes, maar vestimentair gezien wat is blijven steken in de vorige eeuw (aan de verkeerde kant van de jaren '50). Voorlopig zijn we nog bezig met de definities van 'mythe', en waarin dat verschilt van 'legende', 'sage', 'fabel', en de perceptie van de mythen in de verschillende fases van de Griekse cultuur. Ook bij dit vak wordt het vanaf volgende week menens, en beginnen we aan de enorme waaier aan Griekse goden en helden.
In het algemeen kan ik daar nog twee dingen aan toevoegen. Ten eerste lijkt het academisch kwartiertje hier de standaard te zijn: als er in het lesrooster 9u staat, begint de les nóóit voor kwart over negen. De mensen die gewend zijn om mij altijd veel te vroeg te zien aankomen op de Blandijn, kunnen dus schrikken in februari. Ten tweede blijkt geen enkele prof van het bestaan van cursussen te weten, dus schrijven we die maar zelf. Ook handboeken worden hier maar zelden gebruikt, en powerpoints zijn al helemaal te modern.

Ik denk dat ik voor mijn trouwe lezer wel een goed beeld heb geschetst van wat ik hier godganse dagen doe, en bij deze groet ik u.

Hasta luego!

maandag 8 oktober 2012

Het Burgos van El Cid en het Valladolid van Cervantes


Zoals ik had beloofd, trouwe lezer, is hier een verslag van mijn weekenduitstapje naar Burgos en Valladolid. Na mijn les vrijdag begaf ik mij in zeven haasten naar het busstation, om daar te merken dat de bus die ik wilde nemen vol zat, en ik twee uur zou mogen wachten tegen ik kon vertrekken. Uiteraard gaf ik niet op (met de gedachte 'je weet maar nooit' in het achterhoofd) en ging ik bij de bus naar Valladolid staan. Na een korte preek van de buschauffeur in kwestie (je moet vroeger komen, of online boeken), vroeg ik of hij me zou laten weten moesten er mensen niet opdagen. Toen hij om één minuut over zes naar me toekwam (de bus moest normaal vertrekken om zes uur), wist ik dat ik toch nog mee zou kunnen. Eerste hindernis: overwonnen.
Na een busrit van anderhalf uur - waarbij ik vergezeld werd van La sombra del viento van Carlos Ruiz Zafón, een meesterwerkje dat ik mijn trouwe lezer zeker aanraad - stond mijn gastvrouw voor het weekend, Astrid, mij op te wachten in het busstation van Valladolid. We wandelden naar haar kot om mijn rugzak af te zetten (ik moet eerlijk zeggen, ik was aangenaam verrast van Valladolid, een stad die zich meestal laat beschrijven als een grijze industriestad, maar die reputatie met verve de grond inboort), en gingen naar de Plaza Mayor, waar we hadden afgesproken met een internationaal gezelschap (Belgen, Fransen, Polen en een Braziliaans meisje). We trokken naar de tapasbars en deden ons tegoed aan verschillende pinchos, montaditos, raciones, al wat je je kan voorstellen. Daarna gingen we richting Plaza de la Universidad waar het icoon van de Spaanse letteren in standbeeldvorm stond te wachten: Miguel de Cervantes Saavedra (de schrijver van het legendarische El ingenioso hidalgo Don Quijote de La Mancha).

Miguel de Cervantes
Na onze ontmoeting met deze legende onder studenten Spaanse letterkunde ging het naar El Aire, waar we nog even praatten en daarna stilaan naar huis trokken.

De volgende dag trokken we, opnieuw met een internationaal gezelschap (Belgen, Fransen en een Slowaaks meisje) naar Burgos. Op de trein hadden we het geluk een studente toerisme, Mónica, te ontmoeten die in Burgos woonde, en ons wegwijs maakte in haar stad (een volledige wegbeschrijving langs de bezienswaardigheden was het resultaat). De bus die we van het station naar het centrum namen, stopte vlakbij het standbeeld El Cid. 

El Cid, ofwel Rodrigo Díaz de Vivar
Misschien even wat context: El Cid (Arabisch voor 'heer') was een ridder uit de elfde eeuw. Zijn echte naam was Rodrigo Díaz de Vivar en hij was afkomstig van Burgos, maar omdat hij in onmin raakte bij koning Alfonso VI, werd hij uit de stad verbannen. Na jarenlange omzwervingen doorheen Castilië en omstreken kwam hij aan in Valencia, een stad die werd bezet door de Moren. Hij slaagde erin de stad te bevrijden, en zo weer op een goed blaadje te komen bij de koning. Hji regeerde over de stad tot aan zijn dood in 1099. Zijn lichaam werd begraven in het klooster van San Pedro de Cardeña, maar werd in 1921 overgebracht naar de kathedraal van zijn geboortestad, Burgos.
We trokken dan richting Plaza Mayor, waar we ontdekten dat aan de oevers van de rivier Arlanzón een middeleeuwse markt aan de gang was. De marktkramers waren allemaal verkleed en boden een waaier aan streekproducten aan.
Daarna ging het naar de kathedraal, dé trekpleister van de stad. Een imposant bouwwerk met een behoorlijk indrukwekkende kunstcollectie, kortom: een must-see voor elke toerist (de torenspitsen zijn trouwens het werk van een Belg, wist Mónica ons te vertellen).

De kathedraal van Burgos

Ons internationaal gezelschap voor de trappen van de kathedraal
(ik nam de foto, dus ik sta er logischerwijs niet zelf op)

Het graf van El Cid
Na ons bezoek aan de kathedraal trokken we naar het Museo del Libro, waarin de geschiedenis van het boek werd tentoongespreid. Daarna trokken we richting bushalte (we wilden onze bus richting station niet missen, dus gingen we op voorhand een kijkje nemen wanneer we waar moesten zijn). Daarna liepen we nog eventjes rond in de buurt van de bushalte, vooral om wat te eten vooraleer we de trein opstapten. Dan de bus op, dan de trein, en om een uur of tien stonden we terug in Valladolid. Daar aangekomen, trok iedereen naar zijn kot en viel de nacht over Valladolid.

De volgende dag trokken Astrid en ik (na een gesprek met de Mexicaanse kotgenoot van Astrid over het Arabisch, de Maya's en het einde van de wereld) de stad in. Een zeer kort bezoekje aan de kathedraal (er ging een mis beginnen) leidde de toeristische toer door haar stad in. Dan ging het naar het Casa/Museo de Cervantes, het huis waar de grootmeester van de Spaanse letteren verbleef toen hij het eerste deel van Don Quijote publiceerde. Het was interessant om door zijn bibliotheek te wandelen, en te zien door welke werken dit icoon zich liet inspireren. 

Het beroemde hoofdstuk waarin Don Quijote het opneemt tegen de windmolens
Daarna nam Astrid me mee op een tocht langs de mooiste kerkjes en musea van Valladolid (een groot deel van de musea in Valladolid zijn de zondagvoormiddag gratis). Het Museo de la Escultura was een van de hoogtepunten (weliswaar meer omwille van het gebouw dan de - nogal eentonige - kunstcollectie): een voormalig college dat de kenmerken van de mudéjarstijl (een mengstijl tussen de Europese en Moorse cultuur ten tijde van de islamitische overheersing) ten volle tot glorie brengt.




Van daaruit ging het naar het Museo de Colón (Columbus dus), over de ontdekking van Amerika. Als je het ons vraagt, een nogal chaotisch en verwarrend museum, dat vooral aandacht besteedt aan de audiovisuele middelen om een verhaal te vertellen, maar weinig werk heeft gemaakt van een gestructureerd verhaal om te vertellen.

Na dit museum zat mijn bezoek aan Valladolid er alweer bijna op. Dit keer had ik blijkbaar meer geluk met de bus (we waren dan ook mooi op tijd), en ik verliet deze mooie stad. Op de bus nam ik de tijd om mij mentaal voor te bereiden op de volgende lesweek (die overigens maar 4 dagen telt, vrijdag is de nationale feestdag hier), terug te blikken op een geslaagd citytrip-weekend, en mij nog wat te verdiepen in het boek van Zafón.

Hasta luego!

donderdag 4 oktober 2012

Matrícula: check!

Ik mag u, mijn trouwe lezer, verheugen met zeer goed nieuws: ik ben officieel ingeschreven aan de universiteit van Salamanca. Het heeft heel wat voeten in de aarde gehad, en het heeft me heel wat kilometers van en naar de universiteit gekost (ik heb zo het vermoeden dat efficiëntie niet in hun woordenboek staat), maar eindelijk kan ik zeggen dat alle papierwerk rond is. Zo'n inschrijving houdt in dat je je opgeeft voor het volgen en laten evalueren van bepaalde vakken. Klinkt eenvoudig, niet? Wel, ik hoopte dat ook... Helaas werd al snel het tegendeel bewezen: papiertjes allerhande invullen, documentjes inscannen en ze doormailen naar Gent, het is mij allemaal niet vreemd. De goedkeuringsmail van de examencommissie (zij moeten zeggen of mijn vakken al dan niet goed zijn) kwam net op tijd: zo'n twee uur voor ik een afspraak had op het secretariaat verscheen er een mail in mijn inbox... Nu alles in orde was qua inschrijving kon ik eindelijk zoeken hoe ik aan een studentenkaart kon geraken (dat bleek gelukkig niet zo moeilijk te zijn), en na een paar minuten had ik zo'n kostbaar stukje plastic in mijn handen. In een bui van euforie heb ik een trui van de Universidad de Salamanca gekocht (mocht nu ook wel, gezien ik officieel was ingeschreven) en een exemplaar van 'El País', kwestie van weer wat mee te zijn met wat er in de wereld gebeurt.
Verder is het hier mooi weer, in de namiddag bereikt het kwik hier nog vlotjes de 20° en meer (ik heb te horen gekregen dat mijn trouwe lezer in België het met wat minder moet stellen dan hier). De zon schijnt hier zalig en de leuke mengelmoes van toeristen en studenten in de straten houdt de sfeer erin. Voor meer nieuws verwijs ik u door naar mijn volgende bericht, dat waarschijnlijk iets uitgebreider zal zijn en op maandag (of dinsdag in het ergste geval) zal verschijnen. Dit weekend bezoek ik namelijk de steden Valladolid en Burgos (eens het papier in orde is, wordt het tijd om een - weliswaar klein - beetje de toerist uit te hangen).

Hasta luego!